• Uitgebreid netwerk in de techniek
  • Werk bij jou in de buurt
  • Vaste en flexibele opties
  • Mooie arbeidsvoorwaarden

Een van de eerste dingen die wij bij Proton Group aan een lasser vragen, is niet welk diploma je hebt, maar welke lasmethodes je beheerst en met welke certificaten. Dat is namelijk wat onze opdrachtgevers in de metaal- en constructiesector als eerste willen weten. De methode bepaalt op welke klussen je inzetbaar bent, het certificaat bepaalt of je überhaupt op het werk mag komen. In dit artikel zetten we de belangrijkste lasmethodes op een rij en leggen we uit hoe de certificering werkt, met de blik van een technisch bemiddelaar die weet wat bedrijven écht vragen.

Infographic die vier lasmethodes vergelijkt: TIG, MIG/MAG, elektrode en autogeen, met materiaal en toepassing
De vier lasmethodes die we het vaakst tegenkomen in vacatures, met hun kenmerk, materiaal en typische toepassing.

De belangrijkste lasmethodes

Er bestaan tientallen lasprocessen, maar in de Nederlandse metaal- en constructiesector draait het vooral om een handvol methodes. TIG-lassen staat bekend om nauwkeurige, strakke verbindingen en wordt veel gebruikt voor roestvast staal en aluminium. MIG/MAG-lassen, ook wel de halfautomaat, is sneller en geschikt voor grotere producties en dikker materiaal. Daarnaast blijven elektrode- of BMBE-lassen en autogeen lassen relevant voor specifieke toepassingen. Welke methode je beheerst, bepaalt in hoge mate op welke opdrachten je terechtkomt.

Lasmethodes vergeleken

Iedere methode heeft zijn eigen sterke kanten. TIG geeft de hoogste kwaliteit maar is trager, MIG/MAG is productief maar iets minder verfijnd, en elektrode-lassen werkt ook buiten en op de bouwplaats goed. De tabel helpt je bepalen welke methode bij welk werk past.

Methode Kenmerk Veelgebruikt voor Typisch materiaal
TIG (141) Nauwkeurig, strak Fijn plaatwerk, pijpwerk RVS, aluminium
MIG/MAG (135/136) Snel, productief Constructie, serieproductie Staal, dikwandig materiaal
Elektrode / BMBE (111) Robuust, mobiel Bouwplaats, buitenwerk Staal
Autogeen Veelzijdig, klassiek Reparatie, dun materiaal Staal, koper

Wat een lascertificaat is en waarom het bepalend is

Een lascertificaat, ook wel lasserskwalificatie, toont aan dat je een bepaalde lasmethode op een bepaald materiaal en in een bepaalde positie beheerst volgens een vastgelegde standaard. De belangrijkste norm is NEN-EN-ISO 9606, die het kwalificeren van lassers voor smeltlassen regelt. Je legt een praktijkproef af die door een bevoegde instantie wordt beoordeeld, en het resultaat wordt vastgelegd in een certificaat. De inhoud en systematiek van deze normen worden beheerd door normalisatie-instituut NEN. Wat wij lassers vaak op het hart drukken: een certificaat is niet onbeperkt geldig. De geldigheid moet periodiek worden bevestigd. Verloopt je certificaat, dan kun je op veel opdrachten tijdelijk niet worden ingezet.

Lasser oefent een lasmethode in de werkplaats met beschermende kleding

Een opdrachtgever huurt geen lasser in op basis van goede bedoelingen, maar op basis van een geldig certificaat voor precies dat proces en materiaal. Houd je kwalificaties daarom actueel.

Welk certificaat heb je nodig? Wat wij in vacatures zien

Welk lascertificaat je nodig hebt, hangt volledig af van het werk. Een constructiebedrijf dat dikwandig staal last, vraagt iets anders dan een bedrijf dat fijne RVS-leidingen maakt voor de voedingsindustrie. Meestal wordt de kwalificatie gespecificeerd per proces, materiaalgroep, dikte en laspositie. Wat wij in de praktijk zien: lassers die meerdere processen beheersen en daarvoor gecertificeerd zijn, krijgen simpelweg meer en beter betaalde opdrachten aangeboden. Breedte loont. Ben je TIG-specialist, kijk dan bij onze TIG lasser vacatures; werk je liever met de halfautomaat, bekijk dan de MIG/MAG lasser vacatures.

Zo bemiddelen wij lassers

Bij Proton Group horen we per opdracht vooraf welke certificering de opdrachtgever precies vraagt, zodat je geen tijd verliest met reageren op werk dat toch niet past. We kijken naar je lasproces, je materiaalervaring en je regio, en zijn eerlijk over wat een opdracht inhoudt. Over aanvullende certificering en bijscholing denken we mee, want een breder inzetbare lasser is voor iedereen waardevoller.

Veelgestelde vragen over lasmethodes en lascertificaten

Welke lasmethode moet ik als eerste leren?

Dat hangt af van de sector waarin je wilt werken. MIG/MAG is breed inzetbaar en relatief snel onder de knie te krijgen, waardoor het een logische start is. Wil je richting fijn RVS- of pijpwerk, dan is TIG waardevol. Veel lassers beheersen uiteindelijk meerdere processen om breder inzetbaar te zijn.

Hoe lang is een lascertificaat geldig?

Een lasserskwalificatie volgens NEN-EN-ISO 9606 is niet permanent. De geldigheid moet periodiek worden bevestigd, doorgaans doordat je aantoonbaar het betreffende proces blijft uitvoeren en dit wordt gecontroleerd. Laat je certificaat verlopen, dan moet je het opnieuw laten bevestigen of afnemen voordat je op bepaalde opdrachten inzetbaar bent.

Kan ik met een certificaat overal lassen?

Nee. Een certificaat geldt voor een specifiek proces, materiaal, dikte en positie. Voor ander werk kan een andere kwalificatie nodig zijn. Hoe meer relevante certificaten je hebt, hoe breder je inzetbaar bent. Wij vertellen je per opdracht welke kwalificatie de opdrachtgever precies vraagt.

Regelt Proton Group de certificering voor mij?

Wij bemiddelen je naar opdrachten die passen bij de certificaten die je hebt, en horen vooraf welke kwalificatie een opdrachtgever vraagt. Over aanvullende certificering en bijscholing denken we graag met je mee. Meld je aan, dan bespreken we welke stappen je inzetbaarheid vergroten.

Beheers je een of meer lasmethodes en heb je je certificaten op orde? Bekijk onze opdrachten voor lassers of neem contact op met Proton Group. We koppelen je aan laswerk dat past bij jouw proces, materiaal en regio.